Column | Omgekeerde bewijslast

Joost Ardts, 28 oktober 2019

Wil je een medicijn op de Nederlandse markt brengen dan moet je van goeden huize komen. We willen niet zo maar blootgesteld worden aan een medicijn waarvan we de effectiviteit niet kennen en waarvan ook de bijwerkingen en gezondheidsrisico’s onduidelijk zijn. Je dient dan bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen een dossier in met alle chemisch-farmaceutische, farmacologische, toxicologische en klinische (onderzoeks-)gegevens. En hier is meestal jaren aan onderzoek aan voorafgegaan, via klinische trials, cohortstudies, onderzoek met een controle en experiment groep enzovoorts. En terecht ook. ‘’Beste farmaceut, bewijs maar dat het een veilig en effectief medicijn is’’. Logisch toch?

Hoe gek is het dan dat in het geval van windmolens er geen sprake is van zo’n zorgvuldige procedure voordat molens worden geplaatst? En dat er zelfs sprake is van omgekeerde bewijslast?  “Beste burger, als u denkt last te hebben van windmolens met een tiphoogte van 155, 200 of meer dan 200 meter, bewijs dan maar dat er gezondheidsrisico’s zijn”. Zo lijkt de opstelling te zijn.

Interessant overigens dat de overheid in Denemarken deze opstelling absoluut niet hanteert en wetenschappelijk onderzoek sponsort. Onderzocht wordt de relatie tussen molens en ziekenhuisopnames vanwege acuut coronair syndroom of vroeggeboortes en de prescripties van bloeddrukmedicatie, antidepressiva en slaapmedicatie. In afwachting van de uitkomsten heeft een groot aantal Deense gemeenten de bouw van onshore-turbines gestopt.

En gelukkig begint in Nederland zo langzamerhand vanuit verschillende hoeken de roep om onderzoek aan te zwellen. Zo dringt de Gemeente Hoekse Waard aan op het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek door de provincie en het Rijk nadat windpark Spui al is gerealiseerd (5 windmolens van 200 meter hoog). Ook heeft deze gemeente alle andere Nederlandse Gemeenten, dus ook de Gemeente Oss, aangeschreven met het verzoek hetzelfde te doen. En recent hebben tien regionale GGD’s bij minister Wiebes gevraagd om aandacht voor de gezondheidseffecten van het klimaatbeleid. Ze schrijven dat er vooral risico’s bestaan bij windmolens, biomassacentrales en warmtepompen. Ook roeren artsen en medici zich. Zo verscheen in De Telegraaf een artikel van een arts die, verwijzend naar de onderzoeken in Denemarken, vraagt om onderzoek naar gezondheidsrisico’s en oproept tot het hanteren van de Beierse norm ten aanzien van de afstand van de windmolens tot omwonenden:  minimaal tien keer de tiphoogte.

De vraag is natuurlijk of de overheid deze signalen overneemt en of ze, zoals bij nieuwe medicijnen, eerst bewijs wil zien voor afwezigheid van gezondheidsrisico’s. Kan toch niet zo zijn dat er eerst windmolens worden geplaatst, om vervolgens te ontdekken dat er gezondheidsproblemen zijn als gevolg van de korte afstand tussen de molens en omwonenden.

Nieuwsgierig hoe de plaatsing van vijf windmolens van 200 meter in de Hoekse Waard heeft uitgepakt? En waarom ze daar na plaatsing als gemeente unaniem hebben besloten aan te dringen op onderzoek door de provincie en het Rijk? Neem dan deel aan het bezoek van het actiecomité aan het windpark Spui in de Hoekse Waard op zaterdag 9 november.